Plaatje bij het artikel van Daltonschool Reggewinde

Daltonschool Reggewinde staat voor:

  • samenwerken in vertrouwen
  • onderwijs naar mogelijkheden
  • met plezier ‘leren leren’
  • openheid en eerlijkheid

Coöperatief leren

Door samenwerken beter leren

Coöperatief leren is een beproefd onderwijsconcept ontwikkeld door professor Spencer Kagan. Het team is geschoold en gecertificeerd om deze werkwijze aan te bieden. Lees hier meer informatie.

Tijdens de lessen maakt de leerkracht gebruik van werkvormen die de motivatie, effectiviteit en leeropbrengsten verhogen. Daarbij draagt het positief bij aan de wil tot samenwerken en de sfeer in de klas.

Wat ziet u in de school?

De kinderen zitten in groepjes van 4. Zo zijn er veel samenwerkingsvormen mogelijk. Ze kunnen werken met hun 'schoudermaatje', 'oogmakker' of met z'n allen.

De leerkracht biedt structureel samenwerkingsoefeningen aan met namen als: rondpraat, de binnen-/buitenkring, tweetal-vergelijk, tweetal-coach, zoek-de-valse, en nog veel meer... Deze oefenvormen zijn bij de leerlingen bekend en ingeoefend.

De leerkracht doet met enige regelmaat speciale ontspannende oefeningen genaamd 'klassenbouwers' en 'teambouwers'. Dit om de saamhorigheid, onderlinge relaties en de bereidheid tot samenwerken te verbeteren.

Samenwerken of coöperatief leren?

Niet al het samenwerken tussen kinderen is Coöperatief Leren. Coöperatief leren onderscheidt zich van andere vormen van samenwerken door de GIPS-principes:

Samenwerken

 

Coöperatief Leren volgens GIPS

Het sterkste kind neemt de leiding. Zwakkere kinderen hebben geen gelijkwaardige inbreng, waardoor ze hun niet-competent zijn ervaren. Kinderen moeten samenwerken, maar hoe ze dat doen is niet geregeld.

 

Gelijke deelname: De didactische structuren garanderen dat elk kind van het groepje deelneemt aan de opdracht. Ook de zwakkere kinderen leveren een waardevolle bijdrage, wat hun zelfbeeld positief beïnvloedt. Binnen de didactische structuren wordt geregeld hoe de kinderen overleggen.

Zwakke leerlingen haken af, of verschuilen zich in de groep. Achteraf is niet duidelijk wie wat gedaan heeft.

 

Individuele aanspreekbaarheid: Elk kind levert zijn bijdrage aan de opdracht, en is hier verantwoordelijk voor. Die bijdragen wordt in een bepaalde manier ook zichtbaar gemaakt. Bijvoorbeeld door verschillende kleuren pennen te gebruiken, of door kinderen te bevragen op de verschillende bijdragen. Elke didactische structuur heeft hier een eigen manier voor.

Kinderen moeten samenwerken, maar dat is niet noodzakelijk. Sommige kinderen kunnen het sneller zelf, hetgeen ze soms ook doen.

 

Positieve wederzijdse afhankelijkheid: Om de opdracht succesvol te kunnen uitvoeren moet elk kind zijn of haar bijdrage leveren. Lukt een kind dit niet, zullen de andere groepsleden moeten helpen en coachen.

Kinderen praten misschien met elkaar, maar kunnen ook zonder interactie werken

 

Simultane interactie: In de groep zijn veel kinderen tegelijkertijd zichtbaar actief. Door de simultane structuren zijn veel kinderen tegelijk aan het woord. Bovendien stimuleert deze actieve aanpak de betrokkenheid van de kinderen.

 

Voordelen van coöperatief leren

  • het is een effectieve vorm van klassenmanagement voor alle groepen
  • kinderen leren verbaliseren
  • leren kinderen méér leren door onderlinge coaching (twee weten al meer dan één, laat staan vier)
  • meer kinderen zijn tegelijkertijd actief aan het leren
  • alle leerlingen gaan beter presteren, vooral de leerlingen die eerst minder dan gemiddeld presteerden
  • de relaties tussen leerlingen verbeteren
  • de ontwikkeling van sociale vaardigheden verloopt heel natuurlijk

Deel deze pagina: